Er is verdriet in Oostwijk

Tranen om een volksbuurt: ’We moeten alles inleveren. Ik heb het huis helemaal zelf opgeknapt, zoveel zelf gemaakt’, zegt Koedijker Herman Karels

Herman Karels in zijn paleis. ’Wie heb dat nou?’
© jjfoto.nl / Jan Jong | Dominic Schijven | NHD Alkmaarse Courant

Er is verdriet in Oostwijk. De bewoners rouwen om de meer dan honderd jaar oude wijk van Koedijk. Die is straks voorgoed verloren.

,,We raken straks een stukje historie kwijt. Dit is het oudste gedeelte van Koedijk. Dit was ooit het enige straatje hier’’, beweent de 82-jarige Koedijker Nic Kuilboer over de Burgemeester W. Kooimanstraat

De 38 sociale huurhuizen van de Burgemeester W Kooimanstraat en Schoolstraat gaan tegen de vlakte. Het gaat om vooral twee-onder-een-kapwoningen die zijn gebouwd tussen 1924 en 1947. Tussen 2022 en 2025 wordt het sloop- en nieuwbouwproject uitgevoerd door eigenaar Woonwaard.

De inwoners spreken van slapeloze nachten omdat zij het huis uit moeten. En van gezondheidsproblemen door het vooruitzicht van kleinere huizen met veel kleinere schuren als ze eenmaal terug kunnen. De schuren zijn nu per stuk minimaal twintig vierkante meter groot, veelal met uitbouw. De kans dat er straks ruimte is voor zulke schuren is nihil.

Buurtbewoner Herman Karels zit met de handen in het haar. ,,Alles moet weg. Wat krijgen we straks terug? Het is een spannende tijd. Er zijn veel vraagtekens. Er is veel verdriet en pijn. Er zijn er al zes vertrokken uit de wijk’’, zegt hij.

De Koedijkers krijgen een onkostenvergoeding voor het verhuizen en terug verhuizen, maar Karels is niet onder de indruk. ,,Ik krijg 6200 euro. Daarvan moet ik verhuizen, naar een wisselwoning, misschien naar weer één en dan weer terug. Dat kost klappen met geld.’’

,,Het gaat om geld’’, stelt Nic Kuilboer. ,, Nu verdient Woonwaard 20.000 euro per maand hier. Reken maar uit als de huur straks naar 700 euro of meer per huishouden gaat en er twee keer zoveel woningen staan.’’

Het is nog onbekend hoeveel woningen er precies komen, er volgen nog ontwerpsessies over de invulling van de nieuwe buurt.

Goed Wonen en Ymere gingen Woonwaard als eigenaren voor. Die spraken van renovatie, maar dat werd steeds op de lange baan geschoven. Toen Woonwaard het in 2015 overnam legde die de straten nog eens onder de loep. De conclusie luidde dat sloop en nieuwbouw de enige realistische optie is door de slechte staat van de huizen.

Volgens Kuilboer had Woonwaard meer aan onderhoud mogen doen in de wijk, maar hij kijkt ook naar zijn buren. ,,Sommige mensen doen zelfs niets aan hun huis.’’ Hoewel er pijn is, legt hij zich neer bij het lot. ,,Het is vechten tegen de bierkaai, het heeft geen zin.’’

Herman Karels

Met zijn sokken tot hoog over de enkels getrokken banjert hij in zijn instappers bij de buren door de voortuin heen alsof-ie kind aan huis is. ‘Vollllukkkk’ , brult-ie luidkeels.

Als kind aan huis zijn is niet vanzelfsprekend in Oostwijk in Koedijk. Je moet er bij horen, je moet een Koedijker zijn of er een geworden zijn. ,,Een échte Koedijker heeft een apart accent en Koedijkers zijn een beetje ikke, ikke, ikke.’’ Hij vult snel aan ,,Ik ben niet zo hoor!’’

En toch heeft hij zijn strepen inmiddels verdiend. ,,Als ze je kennen is het goed. Ik ben steeds meer ingeburgerd.’’

Hij gaat zijn wijkje missen. ,,Alles moet weg.’’ Het is pijnlijk, want er zitten bloed, zweet en tranen in het huis. ,,We moeten alles inleveren. Ik heb het huis helemaal zelf opgeknapt, zoveel zelf gemaakt. Het meeste ga ik nog mijn kachel missen. We hebben nog één winter samen…’’

Zijn tuin is diep. Er kan een schuur op, ruim genoeg voor twee auto’s. Een oude Mercedes en oude Mitsubishi. ,,Die kunnen niet blijven als er gesloopt wordt. Dat zijn oudjes die een garage nodig hebben.’’

Erachter is een groen terras, een kip en een gracht. ,,Wat een paleis, wie heb dat nou?!’’

,,Ik kwam hier veertig jaar geleden. Dat is wel een mooi verhaal. Ik woonde in Alkmaar en ik kreeg verkering. Mijn moeder zag dat niet zo zitten. Ik ging met mijn verkering samenwonen op het erf van een boer in Koedijk. Toen werd mij voor 68 gulden per maand dit huis aangeboden.’’

Een droom. ,,Ik zat in de bouw, ik kon hier van alles aan verbouwen. Ik voelde mij koning te rijk. Voelde me sindsdien zo vrij als een vogel, een leven lang op de begane grond.’’

Inmiddels is hij een paar verkeringen verder. ,,Ik zit nu hier met mijn derde vrouw, maar mijn kinderen zijn hier groot geworden. Het is leuk voor de kleinkinderen. Hier is een stukje historie.’’

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *